Hoge pieken, diepe zeeën

Eind september vertrok een kleine groep van Delta Safari voor een leuke combinatie reis naar Engeland en Spanje. Eerst met de trein naar Plymouth in Engeland, daar op de ferry naar Santander om de Golf van Biskaje over te steken en vervolgens in Spanje een paar dagen de bergen van de Picos d’ Europa in. Met als doel om onderweg zoveel mogelijk vogels en zeezoogdieren te zien.

Oversteek

Zondag voor het vertrek van de ferry hebben we nog tijd om in Plymouth rond te kijken. Helaas regent het, maar dat is een goede reden om al vroeg een echt Engels theezaakje binnen te stappen. Gelukkig bleek het uiteindelijk de enige serieuze regenbui van de week te zijn.

Aan het eind van de middag melden we ons in ferry terminal, waar we het Engelse deel van de groep ontmoeten. Na het nodige geregel, kunnen we aan boord. Na het vertrek van de ferry hebben we nog een paar uur daglicht op het Kanaal. Het is altijd de vraag of we daar al wat gaan zien. Maar het begin is goed. Al snel zien we de eerste noordse pijlstormvogel, gevolgd door twee dolfijnen. Waarschijnlijk tuimelaars. Daarna volgen er achter elkaar jan-van-genten, grote jagers en groepjes gewone dolfijnen. Dat gaat zo meer dan een uur door. En precies op het moment dat er een groep van tien noordse pijlstormvogels opvliegt aan de éne kant van de boot, wordt er aan de andere kant ‘Pilot whales!!’ geroepen. Grienden dus. Een groep van zeker zes grienden duikt op naast de boot. De grote vinnen zijn goed te zien. Wat een mooie waarneming, nog zo dicht bij de Engelse kust.

De volgende ochtend worden we wakker midden op de Golf van Biskaje. We varen boven het diepe stuk. Het is hier onder de boot minstens 3000 meter diep. Het is altijd spannend wat we hier tegen komen. Maar het blijkt redelijk rustig te zijn in dit stuk oceaan. We zien een paar gestreepte dolfijnen, een paar grauwe pijlstormvogels en vlak voor Santander wordt er meerdere keren een ‘blow’ gezien, een uitblaaswolk van een grote walvis. Groot genoeg voor een vinvis, maar niet zo indrukwekkend als die van een blauwe. Conclusie is dat er een gewone vinvis op een aardige afstand van de boot zwemt. Van het beest zelf krijgen we niet veel te zien.

In Santander stappen we in de bus die ons naar het hotel aan de Noord Spaanse kust zal brengen. Onderweg maken we nog een stop in San Vincente de la Barquera. Tijd om te lunchen of om vanaf de brug over een klein estuarium uit te kijken. We zien in korte tijd onder andere een ijsvogel, zwartkopmeeuw, zwarte ruiter en een groenpootruiter.

Het hotel ligt aan een prachtige omsloten baai. Vlakbij stroomt een klein riviertje uit in zee. Al snel ontdekken we dat er waterspreeuwen en ijsvogels bij het riviertje zitten. De Engelsen worden er niet warm of koud van, maar de Nederlanders in de groep zien niet iedere dag zo makkelijk een ‘dipper‘.

Vanuit het hotel kijk je uit op zee. We zien constant witte stipjes naar West vliegen. Als een kwartiertje op de rand van mijn bed door de telescoop tuur tel ik 174 jan-van-genten en meerdere pijlstormvogels die door het beeld heen keilen.

Fuente Dé

De eerste dag in de Picos rijden we via een prachtige route naar Fuente Dé. Daar nemen we de kabelbaan om op 2000 meter hoogte te komen. Het doel van vandaag is om de rotskruiper te vinden. De eerste vogels die we zien zijn echter de alpenkauwtjes. Ze hangen rond het kabelbaanstation, waar ze de etensresten van de toeristen opruimen. Ook een alpenkraai vliegt al snel over. Na een tijdje lopen vinden we een andere doelsoort van vandaag; de alpenheggemus. Er zullen er nog veel volgen. In de lucht boven ons cirkelt regelmatig een vale gier. Op een tegenoverliggende helling worden twee groepjes Cantabrische gemzen ontdekt.

Aan het eind van de route zou een goede plek zijn voor de rotskruiper, volgens onze lokale gids Angel. We hoeven niet langer dan 10 minuten te wachten voor er één verschijnt. De gids haalt opgelucht adem, net als een paar Engelsen die deze trip eerder maakten en de ‘wallcreeper’ toen niet zagen. Wij hebben geluk, want na de volwassen vogel, komt er later ook nog een juveniel in beeld. Een aantal keer zijn ze mooi te zien.

Cares Kloof

De tweede dag in de Picos staat de Cares kloof op het programma. De hoop is om hier de grote roofvogels aan het werk te zien. Direct nadat we de bus uitstappen worden de eerste vale gieren al gezien cirkelend boven de toppen van de Picos. In de beek onder ons zien we weer een waterspreeuw. Deze keer zien we hem ook prachtig onder water foerageren. Verderop op het pad komen we meerdere grijze gorzen tegen, die zich uitgebreid laten bewonderen midden op het pad. Op de omliggende rotsen wemelt het van de roodstaarten, zwartkoppen en mezen. Tussen de continu aanwezige vale gieren, die hoog boven de kloof cirkelen, worden een paar kleinere vogels ontdekt. Het blijken rotszwaluwen te zijn. Tijdens het turen naar de bergtoppen, in de hoop om de zeldzame lammergier te zien, komt er een wolk vogels los van één van de kliffen. Een zwerm van minstens honderd alpenkraaien kiest het luchtruim. Een mooi gezicht!

De lammergier vinden we niet meer, maar tegen het einde van de wandeling wordt er nog wel een steenarend ontdekt tussen de alom aanwezige vale gieren.

(Vanaf 2018 wordt tijdens deze reis de dag in de Cares kloof vervangen door een bezoek aan een voederplaats voor gieren in de Picos. Hierdoor is de kans om de lammergier te zien een stuk groter).

’s Middag rijden we naar Santander waar we om 21:00 uur weer vertrekken met de ferry. Na een heerlijke maaltijd aan boord gaat iedereen vroeg zijn hut in omdat we de volgende ochtend precies boven een interessant stuk van de Golf van Biskaje zitten als de zon opkomt.

Grote pijlen

Nog voor de zon op komt staan de eerste mensen aan dek. Deze keer is ook een groep van de Britse organisatie ORCA op het schip, dus extra veel ogen om vogels en zeezoogdieren te ontdekken. We kijken uit over een grote lege watervlakte. Maar dan worden al snel de eerste noordse pijlstromvogels gezien. En er schiet een vin door de golven. Het is nog te donker om te zien wat het was. Snel daarna worden meer vogels gezien; een groepje van zeker acht grote pijlstormvogels. Eén van de Nederlandse deelnemers is blij met de waarneming. Deze vogel had ze nog nooit eerder gezien. Ze wist toen nog niet wat er ging komen…..

In het uur daarna ging het helemaal los. Groepen grote pijlstormvogels, gewone dolfijnen er tussen. Tientallen grote jagers en enkele grauwe pijlstormvogels. Vooral de grote pijlen stelen de show. Hebben we de afgelopen jaren wel eens een groep van 30 vogels gezien, nu waren het meerdere groepen van boven de honderd vogels. De grootste groep zelfs meer dan 250 bij elkaar. Deels rustend op het water, deels vliegend er om heen. Pas later beseften we ons dat we alleen de vogels hadden gezien aan ‘onze’ kant van de boot. De waarnemers aan de andere kant hadden echter hetzelfde beeld gehad. In een uur tijd meerdere groepen grote pijlstormvogels op het water. We kwamen met elkaar tot de conclusie dat de ferry een gebied was doorgevaren waar minstens duizend grote pijlstormvogels hadden gezeten. Een bizar aantal!

De rest van de dag zagen we nog meer gewone dolfijnen, een paar bruinvissen en al in het Kanaal werd nog een grote blow gezien. Een bijzondere plek voor een grote walvis. Meerdere mensen zagen ook nog een maanvis vlak naast het schip, maar deze verdween al snel in het schuim.

Vertraging

Na nog een nachtje in een hotel in Plymouth begonnen we de laatste dag aan de relaxte treinreis naar huis. Dachten we. Maar vlak voor de Kanaaltunnel stopte de trein. Een seinstoring in de tunnel was de verklaring. Met een vertraging van tweeënhalf uur kwamen we aan in Brussel. Met de nodige stress haalden we nog de laatste Thalys naar Nederland. Hierdoor haalden we weer een uur in op ons vertraagde reisschema, waardoor het iedereen nog lukte om die avond thuis te komen.

 

Ter info: Deze reis komt in 2018 terug in ons programma. Interesse? Stuur een bericht via de contactpagina).